Special

Langzame uptake van nieuwe geneesmiddelen in de oncologie

NTVO - 2021, nummer Special, december 2021

dr. W. Nanhoe , W. van Altena

In Nederland duurt het relatief lang voordat nieuwe geregistreerde geneesmiddelen daadwerkelijk breed toegankelijk zijn voor patiënten. Dat blijkt uit het onderzoeksrapport ‘Every day counts’ dat in november 2021 door adviesbureau Vintura werd opgesteld.1 De redenen achter die trage markttoegang zijn niet altijd even helder.

Lees verder

PARP-remmers bij ovariumcarcinoom: een update

NTVO - 2021, nummer Special, december 2021

ir., dr. A. Dekker

De standaardtherapie voor patiënten met nieuw gediagnosticeerd, gevorderd ovariumcarcinoom bestaat uit cytoreductieve chirurgie en op platinum gebaseerde chemotherapie.1 Ondanks een hoge initiële respons op deze therapie, verdwijnt de effectiviteit van de behandeling na verloop van tijd en krijgt 70% een recidief binnen 3 jaar.2 Een van de meest impactvolle verbeteringen in de behandeling van ovariumcarcinoom in de afgelopen decennia is de ontdekking van PARP-remmers. Verschillende PARP-remmers zijn recent onderzocht voor de behandeling van ovariumcarcinoom. Tijdens de NVMO Oncologiedagen 2021 presenteerde prof. dr. Els Witteveen (Hoogleraar Medische Oncologie, UMC Utrecht) een mooi overzicht van de bevindingen uit deze studies.

Lees verder

Ribociclib bij de eerstelijnsbehandeling van pre- of perimenopauzale vrouwen met HR+/HER2- gevorderde borstkanker

NTVO - 2021, nummer Man/vrouw special, june 2021

drs. D. Vrouwenvelder , dr. T. Feys

De afgelopen jaren hebben remmers van cycline-afhankelijke kinasen 4 en 6 (‘cyclindependent kinases’, CDK4/6) een kentering teweeggebracht in het behandelprotocol voor patiënten met hormoonreceptor positieve (HR+)/humane epidermale groeifactor receptor 2 negatieve (HER2-) gevorderde borstkanker (‘advanced breast cancer’, ABC).1 Combinaties van deze middelen met endocriene therapie (ET) zijn nu de erkende standaard geworden voor de eerste- en tweedelijnsbehandeling van HR+/HER2- ABC. De fase III-studie MONALEESA-7 onderzocht het klinische voordeel van toevoeging van de CDK4/6-remmer ribociclib aan ET bij pre- en perimenopauzale vrouwen met HR+/HER2- ABC, een subgroep van patiënten die vaker een agressiever ziekteverloop vertoont en een slechtere prognose heeft.2 Eerder werd aangetoond dat toevoeging van ribociclib aan ET de progressievrije (‘progression-free survival’, PFS) en algehele overleving (‘overall survival’, OS) aanzienlijk verbeterde bij deze jongere patiënten met HR+/HER2- ABC.3,4 De definitieve protocol-gespecificeerde analyse van MONALEESA-7 (mediane follow-up van 34,6 maanden) toonde een significante verlaging aan van het risico op overlijden wanneer ribociclib werd toegevoegd aan ET. Aangezien de mediane OS voor patiënten die werden behandeld met ribociclib + ET op dit punt nog niet was bereikt, werd de follow-up in MONALEESA-7 na deze analyse voortgezet om het door ribociclib geïnduceerde OS-voordeel beter in kaart te brengen. Tijdens het jaarlijkse San Antonio Breast Cancer Symposium (SABCS) in 2020 werden de resultaten van MONALEESA-7 gepresenteerd met een follow-up van 20 maanden extra.5

Lees verder

PSMA en stadiëring

NTVO - 2021, nummer Man/vrouw special, june 2021

dr. J. Blokken

In de afgelopen jaren is PSMA (prostaat-specifiek membraan antigen) PET/CT-beeldvorming bij prostaatcarcinoom een veel besproken onderwerp. Om die reden zouden de resultaten van de proPSMA studie weleens het potentieel kunnen hebben om een grote verandering teweeg te brengen in de primaire stadiëring van prostaatcarcinoom. Tot nog toe waren CT en botscans de beeldvormingstechnieken bij uitstek voor de primaire stadiëring, maar de resultaten van deze studie tonen aan dat PSMA PET/CT deze huidige standaard zou kunnen vervangen. Een aantal vragen blijven echter nog steeds onbeantwoord. Kunnen we routinematig voor PSMA PET/CT kiezen, en CT en botscans achterwege laten? Wat zijn de valkuilen met deze techniek? En wat kunnen we concluderen na een positief, dan wel negatief, resultaat met PSMA PET/CT?

Lees verder

Toegenomen aandacht voor cardio-oncologische zorg bij de behandeling van prostaatcarcinoom

NTVO - 2021, nummer Man/vrouw special, june 2021

drs. P. van Rijn

Door de verbeterde zorg voor mannen met prostaatkanker vormen hart- en vaatziekten in deze patiëntengroep een belangrijke comorbiditeit en doodsoorzaak. Het toegenomen belang van cardio-oncologische zorg uit zich in meer proactieve aandacht voor de gevolgen van cardiovasculaire complicaties, betere screening en nieuwe geneesmiddelen met een gunstiger cardiovasculair profiel.

Lees verder

De behandeling van gemetastaseerd prostaatcarcinoom anno 2021

NTVO - 2021, nummer Man/vrouw special, june 2021

ir., dr. A. Dekker

De behandelmogelijkheden voor gemetastaseerd hormoongevoelig prostaatcarcinoom (mHNPC) en gemetastaseerd castratieresistent prostaatkanker (mCRPC) is het laatste decennium flink toegenomen.1 Hoe ziet het behandelplan er anno 2021 uit? In dit artikel wordt een aantal van de huidige aanbevelingen en nieuwste ontwikkelingen besproken.

Lees verder

De behandeling van oligometastasen bij prostaatcarcinoom

NTVO - 2021, nummer Man/vrouw special, june 2021

ir., dr. A. Dekker

De opzet van de behandeling van oligometastasen bij prostaatcarcinoom (OMPC) is momenteel het uitstellen van ADT, met als doel winst in kwaliteit van leven. Er is echter steeds meer bewijs dat laat zien dat interventies zoals lokale therapie en op metastases gerichte therapie (MDT) overlevingswinst bieden en de noodzaak tot palliatieve interventie vertragen met daarbij minimale toxische bijwerkingen.1 De ontwikkelingen en verbeteringen worden echter wel vertraagd en gecompliceerd door het gebrek aan uniformiteit in de definitie.

Lees verder
X