Articles

Ontwikkelingen in de systemische behandeling van gastro-intestinale stromaceltumoren

NTVO - 2015, nummer 1, february 2015

drs. M.C. Verboom , prof. dr. A.J. Gelderblom

Samenvatting

De behandeling van gevorderde gastro-intestinale stromaceltumoren (GIST) kent inmiddels 3 lijnen tyrosinekinaseremmers: imatinib, sunitinib en regorafenib. Deze middelen grijpen intracellulair aan op receptoren, zoals KIT en PDGFRα, die door een mutatie voor permanente celdeling zorgen. Sunitinib en regorafenib remmen ook de angiogenese. Imatinib en sunitinib zijn al langer geregistreerd voor gevorderde GIST en in juli 2014 is ook regorafenib geregistreerd. De ontwikkeling van nilotinib is na een negatieve fase 3-studie gestaakt. In dit overzichtsartikel wordt de ontwikkeling van deze middelen voor GIST besproken, evenals resistentiemechanismen ertegen. Daarnaast worden nieuwe ontwikkelingen in de systemische therapie uiteengezet en klinische studies met GIST-patiënten toegelicht, die nu of binnenkort in Nederland worden uitgevoerd.

(NED TIJDSCHR ONCOL 2015;12:23–9)

Lees verder

Doelgerichte therapie-geassocieerde mucocutane bijwerkingen: de BeCet- en COMTT-studie

NTVO - 2013, nummer 8, december 2013

drs. C.B. Boers-Doets , dr. A.A. Kaptein , J.A.C. Brakenhoff , prof. dr. J.W.R. Nortier , prof. dr. A.J. Gelderblom

Samenvatting

Doelgerichte (‘targeted’) therapieën zoals epidermale groeifactorreceptorremmers, ‘multi-targeted’ tyrosinekinaseremmers en ‘mammalian target of rapamycin’ (mTOR)-remmers hebben alle in meer of mindere mate mucocutane bijwerkingen (‘adverse events’; mcAE’s) gemeen. Papulo-pustulaire huiduitslag, hand-voethuidreactie en stomatitis zijn de meest hinderlijke bijwerkingen. Op dit moment ontbreekt wetenschappelijke onderbouwing voor een gedegen beleid voor mcAE’s en kennis betreffende het effect van mcAE’s op de gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven (‘quality of life’; QOL) en therapietrouw. Het esthetische ongemak, dat vaak gepaard gaat met jeuk of een pijnlijke huid of nagels, kan leiden tot een verminderde QOL en tot dosisreductie of onderbreking van de kankerbehandeling. Omdat tot op heden zeer beperkt gecontroleerde studies zijn uitgevoerd op grond waarvan onderbouwde adviezen voor deze mcAE’s kunnen worden geformuleerd, hebben wij 2 klinische studies opgezet. De eerste klinische studie is de BeCet-studie. Dit is een gerandomiseerd dubbelblind fase III-onderzoek naar dexpanthenolcrème (Bepanthen®) versus cetomacrogolcrème voor de preventie van papulopustulaire eruptie bij patiënten die worden behandeld met EGFRI’s (NCT01136005).

De tweede klinische studie is de COMTT-studie, een gerandomiseerd dubbelblind cross-over fase III-onderzoek met calciumfosfaatmondspoeling (Caphosol®) in vergelijking met NaCl 0,9% mondspoeling naar het verminderen van orale klachten bij patiënten die worden behandeld met doelgerichte therapie (NCT01265810).

(NED TIJDSCHR ONCOL 2013;10:343–7)

Lees verder

Trabectedine voor wekedelensarcomen

NTVO - 2012, nummer 5, august 2012

drs. M.C. Verboom , prof. dr. A.J. Gelderblom

Samenvatting

Trabectedine is een nieuw chemotherapeuticum voor de behandeling van het wekedelensarcoom. Doxorubicine en ifosfamide zijn al decennia lang de gebruikte chemotherapeutica voor de meeste subtypen. Trabectedine is inmiddels als weesgeneesmiddel in een aantal centra in Nederland beschikbaar voor het leiomyosarcoom en myxoïde liposarcoom na eerdere behandeling met standaardchemotherapie. Aangezien effectief bij andere subtypen, zoals het synoviosarcoom, kunnen deze patiënten in het kader van het lopende doelmatigheidsonderzoek met trabectedine worden behandeld. De meest voorkomende bijwerkingen zijn vermoeidheid, leverfunctiestoornissen en beenmergsuppressie en in zeldzame gevallen rabdomyolyse. Een groot deel van de ernstige toxiciteit kan worden voorkomen door voorbehandeling met 20 mg dexamethason. De behandeling met trabectedine dient in ervaren handen te gebeuren, mede door noodzakelijke dosisaanpassingen op basis van consequent en uitgebreid bloedonderzoek tussen de kuren door. In dit overzichtsartikel worden de resultaten van een aantal fase II-onderzoeken besproken, evenals de studies die nu gaande zijn.

(NED TIJDSCHR ONCOL 2012;9:216–23)

Lees verder