Prostaatkanker heeft de twee na hoogste incidentie van alle kankersoorten bij mannen. Androgeendeprivatietherapie (ADP) is hierbij een gebruikelijke behandelmethode. Het verlagen van de testosteronlevels en het hypogonadaal maken van mannen brengt echter wel nadelige effecten met zich mee, wat van invloed kan zijn op de prognose van de patiënt.

Fysieke activiteit wordt aanbevolen bij patiënten met prostaatkanker om nadelige effecten van de behandeling te verlichten. Een van de mogelijkheden is progressieve weerstandstraining (progressive resistance training ‘PRT’) met als doel de skeletspieren te behouden en het aanpassingsvermogen van de spieren positief te beïnvloeden.

Op dit moment is er een schaarste aan gerandomiseerde trials die PRT geëvalueerd hebben met betrekking tot prostaatkanker. Hoewel fysieke activiteit in het algemeen de terugvalpercentages vermindert en de overleving bij prostaatkanker verbetert, zijn de precieze anti-oncogene effecten van specifieke trainingen, waaronder PRT, niet volledig vastgesteld.

Signaleringsroutes

In deze review is gekeken naar wat bekend is over de biologische effecten van PRT bij mannen met prostaatkanker die ADT hebben ondergaan. Hierbij is een overzicht gemaakt van de metabole effecten van ADT en het effect hiervan op de kankerprogressie en prognose. Bovendien is gekeken naar mogelijke oncologische signaleringsroutes die betrokken zijn bij het effect van PRT en prostaatkanker prognose en progressie.

Ondanks overtuigend bewijs voor de toepassing van PRT als standaard aanvullende therapie bij patiënten met prostaatkanker, is er nog steeds een gebrek aan literatuur over het gebruik ervan in deze populatie. Dit omvat de voordelen voor specifieke spiergroepen en de impact op fysiologische eindpunten zoals glucose- en insulinemetabolisme, botomzetting en de adipokines, myokines en inflammatoire cytokines die tijdens ADT zijn aangetast.

De signaleringsroutes betrokken bij het effect van PRT zijn eveneens betrokken bij de ontwikkeling en progressie van prostaatkanker. Er zijn dan ook meer klinische studies nodig om een beter begrip te krijgen van de onderliggende mechanismen achter het voordeel van PRT.

Bron
1. Sports Medicine Open