Vrouwen met uitgezaaide hormoongevoelige borstkanker kunnen meedoen aan de SONIA-studie. Die studie, het initiatief van medisch oncologen prof. dr. Gabe Sonke (Antoni van Leeuwenhoek), dr. Inge Konings (Amsterdam UMC - locatie VUmc) en dr. Agnes Jager (Erasmus MC) namens de Nederlandse borstkankeroncologen samenwerkend in de Borstkanker Onderzoek Groep (BOOG) vindt plaats in 73 Nederlandse centra. Doel van de studie is om te onderzoeken of het combineren van hormoontherapie met de betrekkelijk recent geïntroduceerde CDK4/6 remmers abemaciclib, palbociclib en ribociclib het beste als eerste- of als tweedelijnsbehandeling ingezet kan worden. Er zijn in totaal 1.050 vrouwen nodig om aan de studie deel te nemen.

Bijwerkingen

Abemaciclib, palbociclib en ribociclib worden al enige tijd ingezet als behandeling van uitgezaaide borstkanker, maar de middelen gaan wel gepaard met veel bijwerkingen, zoals bloedarmoede, vermoeidheid en diarree. Daarnaast is onvoldoende uitgezocht of het inzetten van deze middelen als eerstelijnsbehandeling, zoals in veel andere landen gebeurt, automatisch tot betere uitkomsten leidt. Dat hopen de Nederlandse onderzoekers nu aan de weet te komen.

Naast het bewaken van de kwaliteit van leven bij de patienten, en het waarborgen van klinische resultaten speelt ook kostenefficiëntie een rol bij de studie. De drie genoemde middelen zijn erg duur, en wanneer die middelen niet aan het begin van een behandeling maar pas in een later stadium toegediend worden spaart dat veel geld uit. Onderzoeksleider dr. Gabe Sonke becijfert dat het later inzetten van de drie middelen in Nederland op jaarbasis 60 miljoen euro kan schelen.

Geen placebo

De SONIA-studie krijgt steun van de patiëntenvereniging voor vrouwen met borstkanker, de BVN. Ook specialisten, verenigd in de Borstkanker Onderzoek Groep staat achter de studie. Een van de redenen waarom de BVN de studie toejuicht is dat het niet gaat om een dubbelblinde studie met placebo, waarbij de helft van de vrouwen wel, en de andere geen geneesmiddel krijgt. Alle vrouwen die deelnemen aan de studie krijgen dus de immuuntherapie. Alleen zal een deel van de vrouwen die middelen eerder krijgen dan de overige vrouwen. Dat is niet per se een nadeel: het betekent namelijk ook dat die vrouwen dan minder lang last van bijwerkingen hoeven te hebben.

De inclusie van deelnemers is in 2019 gestart maar heeft enige vertraging opgelopen door de corona-uitbraak waardoor de meeste ziekenhuizen in Nederland onderzoeken tijdelijk stopgezet hebben. Inmiddels is het onderzoek weer op gang gekomen, hoewel de tweede golf mogelijk opnieuw parten kan spelen.

Over de SONIA-studie

De SONIA-studie (BOOG 2017-03 SONIA) is een onderzoek van de Borstkanker Onderzoek Groep (BOOG,) die als doel heeft de optimale rol van de toevoeging van CDK4/6-remmers te bepalen bij HR+/HER2-negatieve gevorderde borstkanker. In de studie worden twee behandelstrategieën bij patiënten met HR+/HER2-negatieve gevorderde borstkanker vergeleken:

  • strategie A (eerstelijnsbehandeling met een niet-steroïdale aromataseremmer gecombineerd met een CDK4/6-remmer, gevolgd door fulvestrant bij progressie)

versus

  • strategie B (eerstelijnsbehandeling met een niet-steroïdale aromataseremmer, gevolgd door fulvestrant in combinatie met een CDK4/6-remmer bij progressie).

Het primaire doel van de studie is onderzoeken of strategie A effectiever is dan strategie B. Verder zal ook worden gezocht naar biomarkers die kunnen bijdragen aan een betere selectie van patiënten die in aanmerking moeten komen voor deze behandeling.

Meer informatie

Bezoek de website van de SONIA-studie.

Informatie op de website van de Borstkanker Onderzoek Groep

Lees ook dit artikel uit oktober 2019 op de NTVO-website over de start van de SONIA-studie