Wandelen is in: steeds meer mensen gebruiken een app of een smartwatch die bijhoudt hoeveel stappen je op een dag zet. Want wandelen is gezond, en daarbij gaat het er niet om hoe hard je loopt, maar hoe ver. Dat is de uitkomst van een Amerikaanse studie waarover recent in het Journal of the American Medical Association (JAMA) gepubliceerd werd. Wie veel loopt verbetert daarmee de conditie en verlaagt het risico op een aantal aandoeningen, en leeft daardoor mogelijk langer.

In het data-onderzoek door het National Cancer Institute in de Verenigde Staten werden gegevens van 4.840 personen geanalyseerd, die gemiddeld gedurende 5,7 dagen en 14,4 uur per dag een versnellingsmeter hadden gedragen tussen 2003 en 2006, en vervolgens ruim 10 jaar waren gevolgd. De gemiddelde leeftijd van de proefpersonen was bijna 57 jaar, 54% van hen was vrouw, en 36% (1.732) had obesitas.

Mortaliteit

De onderzoekers stelden vast dat mensen die 8.000 in plaats van 4.000 stappen per dag zetten een veel lagere globale mortaliteit lieten zien (HR: 0,49). Bij mensen die 12.000 stappen per dag zetten was dat nog lager (HR: 0,35). Het gemiddelde aantal stappen dat de studiedeelnemers zetten lag overigens op 9.124 stappen per dag. Gedurende de follow-up periode van iets meer dan 10 jaar overleden 1.165 mensen, waarvan 406 door hart- en vaatziekten en 283 door kanker.

Bij de 655 mensen die minder dan 4.000 stappen per dag zetten was de incidentiedichtheid voor globale mortaliteit per 1.000 persoonsjaren 76,7. Voor de groep die tussen 4.000 en 8.000 stappen zette was dat 21.4. Bij de groep die tussen 8.000 en 12.000 stappen per dag zette was de incidentiedichtheid 6,9 en bij de mensen die meer dan 12.000 stappen zetten was dat 4,8. De lagere globale mortaliteit die geassocieerd wordt met het zetten van meer stappen gold voor zowel mannen als vrouwen en is ook niet gebonden aan leeftijd of etniciteit.

Opmerkelijk was dat het niet uitmaakte hoeveel stappen er per minuut werden gezet, dus hoe snel iemand liep.

De auteurs waarschuwen wel dat het puur om observationele data gaat waar geen causale gevolgtrekkingen uit kunnen worden gemaakt. Ook merken zij op dat versnellingsmeters –‘stappentellers’- andere fysieke activiteiten zoals zwemmen of fietsen niet registreren.

Bron
1. JAMA