Home » Tijdschriftartikelen » overzichtsartikelen » Adjuvante chemotherapie voor mammacarcinoom in een perifeer ziekenhuis: een kwaliteitsonderzoek

Adjuvante chemotherapie voor mammacarcinoom in een perifeer ziekenhuis: een kwaliteitsonderzoek

Door:
drs. K.A. Frerichs
drs. K.A. Frerichs

anios interne geneeskunde, afdeling Interne Geneeskunde, St. Antonius Ziekenhuis

Meer informatie en artikelen van deze auteur
drs. J.C.B. Hunting
drs. J.C.B. Hunting

internist-oncoloog, afdeling Interne Geneeskunde, Oncologie, St Antonius Ziekenhuis

Meer informatie en artikelen van deze auteur
dr. M. Los
dr. M. Los

internist-oncoloog, afdeling Interne geneeskunde, St. Antonius Ziekenhuis.

Meer informatie en artikelen van deze auteur
dr. P.C. de Jong
dr. P.C. de Jong

internist-oncoloog, afdeling Interne geneeskunde, St. Antonius Ziekenhuis.

Meer informatie en artikelen van deze auteur

Samenvatting

Doel: De kwaliteit van adjuvante chemo- en immuuntherapie bij mammacarcinomen in het St. Antonius Ziekenhuis is getoetst aan de hand van de richtlijn ‘Mammacarcinoom’ opgesteld door het IKNL en de NABON-nota uit 2008. Hierbij is gekeken naar wachttijden, relatieve dosisintensiteit, uitstel van kuren, dosisreductie en toxiciteit. Methoden: Alle patiënten van de 3 coauteurs die tussen 2008 en 2010 zijn gestart met adjuvante chemotherapie wegens mammacarcinoom zijn geïncludeerd. Gegevens zijn retrospectief verkregen uit medische dossiers. Resultaten: Er zijn 188 patiënten geïncludeerd. De wachttijden tussen operatie of voltooien van radiotherapie en start van adjuvante chemotherapie bleken niet te voldoen aan de normen: 16% van de patiënten startte binnen 4 weken na de operatie met chemotherapie en 74% binnen 3 weken na radiotherapie. De gemiddelde relatieve dosisintensiteit (RDI) was 96% voor het FE100C-protocol, 98% voor FE100C-D, 100% voor FE90C, 98% voor TAC en 94% voor AC-TH. De minimale RDI van 85% werd niet behaald bij 5 patiënten in het FE100C-D-protocol, 1 patiënte in het TAC-protocol en 14 patiënten in het AC-THprotocol. Binnen het AC-TH-protocol was neuropathie vaak de reden van uitstel. De totale incidentie van neutropene koorts was 11% (n=21), de incidentie binnen het FE100C-D-protocol was 14%. Conclusie: Verkorting van de wachttijd tussen operatie of radiotherapie en start van chemotherapie is noodzakelijk. Daarvoor zijn logistieke verbeteringen reeds doorgevoerd. Ten aanzien van de RDI wordt aan de norm voldaan. De incidentie van neutropene koorts komt overeen met de risico-inschatting volgens de EORTC en vormt geen indicatie voor primaire profylaxe met G-CSF. (NED TIJDSCHR ONCOL 2014;11:141–48)
Om het volledige artikel te kunnen lezen, heeft u de volgende mogelijkheden:


* (dit is alleen mogelijk voor Medisch Specialisten en artsen in opleiding tot medisch specialist met BIG nr. met voorschrijfbevoegdheid werkzaam binnen de oncologie in Nederland)

Koop nu voor €1,80 Inclusief 21% BTW
Deze PDF is eigendom van NTvO uitgegeven door Ariez B.V. en mag niet elders worden gepubliceerd of gebruikt.
Ontvang ook onze nieuwsbrief per mail: Inschrijven
© 2020 NTVO
X

Deze website gebruikt cookies voor de juiste werking en om de bezoeker de beste gebruikservaring te geven. Wij gebruiken geen cookies om u te volgen voor marketing doeleinden. Klik op de 'Accepteer' knop om hiermee in te stemmen.