In het bloed van mensen, die COVID-19 gehad hebben, zitten antistoffen tegen de ziekte. Die antistoffen kunnen een basis zijn voor nieuwe corona-geneesmiddelen. Op verschillende plekken in de wereld wordt dan ook onderzoek gedaan met bloed dat is afgenomen van ex-coronapatiënten. Ook in Nederland. Maar het is een race tegen de klok aan het worden, waarschuwt bloedbank Sanquin.

Een plasmageneesmiddel kan niet alleen helpen om coronapatiënten te behandelen en misschien zelfs te genezen, maar kan ook ingezet worden om mensen in risicogroepen kortstondige bescherming tegen het virus te bieden.

Convalescent plasma

In Nederland wil Sanquin bij 16.000 ex-coronapatiënten antistoffen afnemen om een geneesmiddel te kunnen ontwikkelen. Maar het probleem is, dat de hoeveelheid antistoffen in het bloed met het verstrijken van de tijd afneemt. Het is de bedoeling dat de benodigde donoren snel worden gevonden zodat de inzameling van convalescent plasma voor het najaar is afgerond. Het ministerie van VWS ondersteunt de campagne met een subsidie van 10 miljoen euro.

Plasmageneesmiddelen

Mensen die COVID-19 gehad hebben, en dus antistoffen in hun bloed hebben, wordt gevraagd om vier tot zes keer hun plasma te doneren. In totaal heeft Sanquin 16.000 donors nodig om 30.000 kilo anti-Covid-19-plasma op te halen. Daarmee kan door Sanquin Plasma Products een geneesmiddel worden ontwikkeld, in samenwerking met een alliantie van vooraanstaande internationale producenten van plasmageneesmiddelen.

Limburg en Noord-Brabant

De plasmadonors worden in principe geworven uit het eigen donorbestand van Sanquin, dat momenteel 350.000 donors telt. Per donor wordt door de bloedbank nagegaan of de kans aanwezig is dat zij de antistoffen in hun bloed hebben. Als dat het geval is krijgen zij een persoonlijke uitnodiging om plasma te doneren. Als eerste worden donors in Limburg en Noord-Brabant benaderd, de provincies waar volgens onderzoek de meeste donors met antistoffen te vinden zijn.

Groepsimmuniteit

Sanquin meet regelmatig hoe het gesteld is met de immuniteitsopbouw tegen het virus door het ingezamelde bloed op antistoffen te testen. Het wil nog niet erg vlotten: bij de laatste meting medio juni lag de immuniteit op 5,4% en daarmee is groepsimmuniteit nog lang niet in zicht. De eerdere schatting van 60 procent immuniteit om het virus ‘vanzelf te doen uitdoven’ lijkt nog ver weg.

Meer informatie

Lees meer op de website van Sanquin